Blogpost:
Marceline de Waard
LezensWaard, Marceline las - maart 2025

Een keukenmeidenroman – Kathryn Stockett
Bij deze titel denk je in eerste instantie misschien als eerste aan een flut liefdesromannetje, maar dat is het bepaald niet. Het boek neemt je mee terug naar het Mississippi van 1962 tot 1964. Het was de tijd van de rassenscheiding, Martin Luther King en de moord op Kennedy.De keukenmeiden in deze roman zijn de zwarte vrouwen die als hulp in de huishouding werken in blanke gezinnen. Het verhaal wordt vanuit drie gezichtspunten verteld. Aibileen en Minny zijn zwarte hulpen en miss Skeeter is een jonge, blanke, net afgestudeerde vrouw die graag schrijver wil worden. Ze bedenkt dat ze zwarte hulpen gaat vragen om haar te vertellen hoe het is om voor een blanke mevrouw te werken. Van die verhalen wil ze een boek maken. Als eerste besluit ze Aibileen te benaderen, zij is de hulp van een van haar beste vriendinnen Elizabeth. Deze Aibileen opent ook De keukenmeidenroman. Naast het hele huishouden zorgt ze ook voor het tweejarige dochtertje Mae Mobley. Ze is gek op het meisje en het meisje op haar, die haar meer als moeder beschouwd dan haar eigen moeder.Ze vertelt de dagelijkse gang van zaken en daarmee maakt ze de rassenscheiding in het dagelijkse leven zichtbaar. Die is naar in al zijn kleine facetten. En dan moet ze ook nog oppassen haar mevrouw of vriendinnen niet tegen de haren in te strijken, want dan is er een kans dat ze valselijk beschuldigd wordt van diefstal en in de gevangenis belandt. En, oh wee, als ze niet dankbaar is voor zaken die ze helemaal niet wil. Zoals bijvoorbeeld een aparte wc in de carport. Want met dat idee komt een andere vriendin van Elizabeth en Skeeter: Hilly. Volgens Hilly hebben zwarten anderen ziekten en is het gevaarlijk om als blanke gast hetzelfde gastentoilet te gebruiken als de hulp. Skeeter stuit dit plan tegen de borst, en dat geeft voeding aan haar plan de verhalen van de zwarte hulpen op te schrijven. Aanvankelijk weigert Aibileen, want als iemand er achter komt, is ze haar leven niet veilig. Dan kan ze niet alleen haar baan kwijt raken en door laster niet meer aan werk komen. Maar ze kunnen ook haar huis ’s nachts plat branden of haar achter een tractor binden en dan door de stad sleuren. Dat is normaal in die tijd in Mississippi. Ondanks deze angst besluit ze op een dag toch te gaan praten met Skeeter. Ook voor Skeeter is dit niet zonder risico. Zij gaat hiervoor naar het huis van Aibileen in de zwarte wijk, een plek waar een blanke vrouw niet hoort te komen. Ze doet dit dus stiekem en liegt erover tegen iedereen in haar omgeving.Het verlangen om schrijfster te worden is sterker dan haar angst. Ze zoekt daarvoor contact met een uitgever in New York. Ze treft een welwillende redacteur. Zij zegt dat ze wel naar het manuscript wil kijken, maar dan moeten het wel twaalf verhalen worden. Dat blijkt een probleem. De hulpen zijn té bang voor de gevolgen als iemand erachter komt.De enige die wel mee wil werken is Minny. Zij wordt gedreven door een grote haat tegen miss Hilly, die haar zo zwart heeft gemaakt dat ze niet meer aan werk komt. Waarom, dat blijft lang spannend. Uiteindelijk vindt ze werk bij mevrouw Celia, een jonge vrouw die er niet bij hoort. En de stem van Minny geeft kleur aan deze derde verhaallijn. Die miss Hilly is overigens een vreselijk mens. En als op een dag door haar toedoen een andere zwarte hulp in de gevangenis belandt, besluiten de andere zwarte hulpen hun verhaal aan Skeeter te gaan vertellen. En dan blijkt dat het achter de witte voordeuren er niet overal zo zwart-wit aan toe gaat. Sommige witte vrouwen zijn begaan met hun zwarte hulp. Dan brengen ze ze bijvoorbeeld naar het ziekenhuis als hun man daar ligt. En de witte kinderen worden grotendeels door de hulpen opgevoed. En die zijn dan ook dol op de hulp. En de hulp vaak op hen. Het verhaal van Aibileen laat dat ontroerend zien. Dan vergeet Skeeter op een dag haar tas met daarin het manuscript. Ze laat het staan op een bijeenkomst van blanke vrouwen onder leiding van Hilly. Skeeter was namelijk zo bang dat iemand het zou vinden dat ze het samen met haar typemachine altijd met haar meezeulde. Als een idioot scheurt ze terug om het te halen. De tas staat bij Hilly thuis en als ze hem terugkrijgt, blijkt dat Hilly er iets uit heeft gehaald. Dit geeft een extra laag spanning. De vraag of dit allemaal wel goed gaat komen of dat de angsten van de zwarte hulpen uit gaan komen, drijft boven. Of het goed komt? Dat mag jezelf ontdekken. Want Een keukenmeidenroman is een verrukkelijk boek. Ondanks de dikte vloog ik erdoorheen. Het laat zien hoe vreselijk de rassenscheiding in het zuiden van Amerika in de jaren zestig nog was zonder dat het zwaar wordt. Dit komt door de fijne schrijfstijl en de beschrijvingen van de dagelijkse gang van zaken waarin alles niet zo zwart-wit was.
Alles wordt lichter – Janke Reitsma
Een Nederlandse schrijfster. Alles wordt lichter is haar tweede roman en hierin neemt ze ons mee naar Noorwegen. Het is het verhaal van Ylva. Een jonge vrouw die ’s nachts treinen schoonmaakt, smerig werk. Ze doet dit al ruim zeven jaar samen met Lehla, een migrant die nergens anders werk kan krijgen, en die de enige vriendin is die ze heeft. En op een dag zegt Ylva ineens: ‘ik heb een kind’. Een gegeven dat ze diep in zich heeft weggestopt en er nu tot haar eigen verbazing en die van Lehla opeens uitfloept. Dit kind is een jongen, woont bij zijn vader op het Noorse platteland en is inmiddels negen jaar. De tijd om hem niet meer te verzwijgen, is aangebroken. Ylva vertelt haar verhaal om en om in het heden en tien jaar eerder. Dat geeft een mooi ritme aan deze roman. Het begint in het nu. En zo leer je Ylva kennen als een eenzame vrouw die zich na het werk overdag opsluit in haar appartement. Een vrouw die leeft in het donker. Nu ze het bestaan van haar zoon heeft benoemt, benauwt het: “ik kan hier niet meer blijven als hij daar is.” Ze besluit hem op te zoeken bij zijn vader. Dat doet ze lopend: ze wil er niet te snel zijn. Ze begint aan een meerdaagse wandeltocht door de Noorse bergen. Bij haar in de buurt ziet ze ook steeds een jongen. Hij zegt nooit wat. Soms houdt hij zich aan haar rugzak vast, soms komt hij bij haar zitten en eten ze samen haar boterhammen, drinken haar water. Door de manier waarop Ylva over hem vertelt, wordt snel duidelijk dat hij er niet echt is. Is hij haar zoon zoals zij hem zich voorstelt? vraag je je al snel af. Dan springt het verhaal voor het eerst tien jaar terug. Ylva groeit op als enigst kind van een alleenstaande moeder. Ze heeft een goede band met haar. En haar moeder stimuleert haar te worden wat ze wil, gelukkig te zijn. Maar Ylva is een teruggetrokken kind, een kind dat zich het liefst terug trekt in haar eigen wereld. Ze is gek op insecten en soms stelt ze zich voor dat zij dat ook is, dat ze zich terug kan trekken onder een blad zodat niemand haar kan zien. Als haar moeder overlijdt is ze ongeveer twintig. En ze trekt zich nog meer in zichzelf terug. Op een dag besluit ze te stoppen met haar studie en neemt ze de eerste de beste bus de stad uit. Bij het eindpunt stapt ze uit en verstopt zich impulsief in de laadbak van een terreinwagen. Het blijkt de auto van Jakob. Een alleenwonende veertigjarige boer. Zijn boerderij was van zijn ouders en hij is er blijven wonen. Hij biedt haar onderdak. Het zijn twee teruggetrokken, zwijgzame mensen. Het is de stilte tussen hen die spreekt en langzaam groeit er een relatie. Hij is dan ook de man waar ze nu naartoe op weg is, de vader van haar zoon. En hoe dichter Ylva de boerderij nadert, hoe meer duidelijk wordt over hun leven samen voor Ylva vertrok. Aan het eind vloeit dit samen. Het taalgebruik van Janke Reitsma is mooi zonder dat het ingewikkeld wordt. Haar natuurbeschrijvingen zijn prachtig. De schoonheid en weidsheid van het landschap zijn ook een mooi contrast met de introverte wereld van Ylva. Alles wordt lichter is een verhaal dat zowel beklemmend als mooi is. Een drama dat zich tussen de regels langzaam ontvouwt en uiteindelijk ook ontroerd. Een heel mooi boek.
Joe Speedboot – Tommy Wieringa
Het is de roman waarmee Wieringa doorbrak en afgelopen november kreeg je het cadeau van de bibliotheek in het kader van hun jaarlijkse actie Heel Nederland leest. Dus de kans is groot dat je hem al las. Leuk om na te gaan of je je herkent in mijn leesbeleving en anders krijg je misschien alsnog zin om hem te lezen. Aan het woord is Fransje. Een jongen die na een ongeluk als door een wonder bijkomt uit een coma. Het wonder gaat niet veel verder dan dat, want hij blijft voor zijn leven veroordeelt tot een rolstoel, kan niet meer praten en heeft spasmes. Maar hij heeft een fantastisch observatievermogen en een ontwikkelt een oersterke rechterarm, het enige lichaamsdeel dat nog normaal functioneert. Op een dag komt er een nieuw gezin in het dorp. De zoon is van Fransjes leeftijd en noemt zich Joe Speedboot. Hij brengt leven in de brouwerij in het verder wat saaie dorp en Fransje tekent dat fantastisch op. Hij doet dat zo overtuigend dat alle types gaan leven. De ondernemende en avontuurlijke Joe besluit een vliegruig te gaan bouwen in een boerenschuur. Het lijkt onmogelijk, maar het lukt hem. En gaandeweg het verhaal groeit de relatie tussen Joe en Fransje als Joe ontdekt wat er allemaal wel niet mogelijk is met die oersterke rechterarm.Maar voor het zover is maken we ook nog kennis met Fransjes vrienden en het mooiste meisje van het dorp: PJ. Zij is de dochter van de nieuwe tandarts die oorspronkelijk uit Zuid-Afrika kwam.Ook de verhoudingen in Fransjes gezin worden mooi beschreven. Zijn overbezorgde moeder, zijn vader die een baantje voor hem verzint en zijn grove, zuipende en vechtende oudste broer Dirk. Zo neemt hij op een keer Fransje mee naar het café om hem bier te laten drinken. Hij voert het hem en omdat Fransje spastisch is, bijt hij ook het glas kapot. De glasscherven spuugt hij uit met bloed. Een naar schouwspel waar niemand op in durft te grijpen uit angst voor de agressie van de zuipende Dirk. Een incident overigens waar Fransje van leert dat hij ook gek op alcohol is. Het boek staat eigenlijk bol met allerlei beeldende anekdotes over een bonte verzameling kleurrijke dorpsbewoners. Mooi vond ik ook het verhaal van de nieuwe man van Joe Speedboots moeder. Na het overlijden van Joes vader gaat zij op vakantie naar India en komt terug met een Indiase echtgenoot. Een man die moeilijk zijn weg vond in het koude Nederland en op een dag een boot gaat bouwen zoals hij in India ook deed. Een feestelijke ter waterlating volgt, en dan zeilt hij er mee weg. In het laatste deel van het boek zijn Fransje en Joe de enige van hun oude vriendengroep die nog in het dorp wonen. Natuurlijk zoekt Joe dan een nieuw avontuur en vindt dat in de oersterke arm van Fransje. Fascinerend vond ik hoe die twee, inmiddels jongvolwassen jongens, dit ten gelde proberen te maken.En dit krijgt extra dimensie als de mooie PJ ook weer opduikt in het dorp. Wat die oersterke arme allemaal kan en hoe PJ een rol krijgt in de relatie tussen de dorpsjongens ga ik natuurlijk niet verklappen. Het is veel te leuk om zelf te lezen. Want Tommy Wieringa kan schrijven en van dit boek spat gewoon het vertelplezier van de bladzijne. Lekker lezen dus. Als je dat tenminste nog niet hebt gedaan.
Lees verder op mijn site