Als op 4 augustus 1914 de Eerste Wereldoorlog uitbreekt, wordt de talentvolle Franse tekenaar en schilder Joseph Lesage opgeroepen. Vier jaar lang dient hij als radiotelegrafist, bij nacht en ontij ploeterend om de kwetsbare verbindingslijnen open te houden, onbeschermd tegen vijandelijk artillerievuur. Het is vaak inspannend en gevaarlijk werk. Aan en achter het front zijn er gelukkig ook tijden van relatieve kalmte, momenten waarin Lesage zijn toevlucht zoekt in zijn passie: tekenen en schilderen. Zijn kleurrijke schetsen verschijnen onder meer in de bladen L’Echo de Paris, Le Miroir en Rire, maar vooral in ‘zijn’ loopgravenkrant Le Mouchoir, die met vriendelijke spot en troost, zorgt voor afleiding, maar ook voor vertrouwen onder zijn kameraden. Behalve Lesages’ schetsen, schilderijen en aquarellen vond auteur Bob Latten in de archieven van zijn Nederlandse kleinkinderen een schat aan materiaal: familiefoto’s, brieven aan zijn broers aan het front, aan zijn ouders en aan zijn vrouw en dochtertjes. De verbeelding van 1914-1918 schetst een intiem en openhartig tijdsbeeld uit de periode waarin Frankrijk een overwegend katholieke natie was en de belle époque eindigt in het bloed van tallozen.