Ontluisd verleden zou men een doorgecomponeerde novellenbundel kunnen noemen. De conversatie tussen een oude dame en haar bezoeker vormt de aanleiding tot de reconstructie van een handvol levens die in de eerste helft van de twintigste eeuw in de kiem werden gesmoord of juist tot wasdom kwamen. Door de vermenging van feiten en fictie is er sprake van een werkelijkheid die voornamelijk binnen de begrenzing van het boek bestaat. Veel personages hebben in de alledaagse werkelijkheid geleefd als dichter, schrijver of als kleurrijke verschijning zonder meer. Maar de namen zijn veelal veranderd, en hun plaats in het geheel is door de verbeelding in een versluierd en ‘onwerkelijk’ licht komen te staan (al geldt dat laatste niet voor het portret van de schrijvende avonturier die Edouard de N heette). Uiteindelijk gaat het om de lege stoelen van verdwenen mensen; om de sfeer van een verlaten, herfstig tuinterras.
H.C. ten Berge debuteerde in 1964 met de bundel Poolsneeuw bij Uitgeverij Polak & Van Gennep, waar ook zijn eenmanstijdschrift Raster tot 1973 is verschenen. Het geheim van een opgewekt humeur, zijn eerste roman, werd bekroond met de Multatuliprijs. Voor zijn gehele oeuvre werd hem onlangs de P.C. Hooftprijs toegekend.
‘Hij heeft met zijn po e, met zijn vertalingen, met zijn essays en romans en met zijn organisatorische werk middels het tijdschrift Raster in de jaren zestig en zeventig de Nederlandse po e geopend naar werelden waarvoor tot dan toe geen oog was.’ Juryrapport P.C. Hooftprijs
H.C. ten Berge debuteerde in 1964 met de bundel Poolsneeuw bij Uitgeverij Polak & Van Gennep, waar ook zijn eenmanstijdschrift Raster tot 1973 is verschenen. Het geheim van een opgewekt humeur, zijn eerste roman, werd bekroond met de Multatuliprijs. Voor zijn gehele oeuvre werd hem onlangs de P.C. Hooftprijs toegekend.
‘Hij heeft met zijn po e, met zijn vertalingen, met zijn essays en romans en met zijn organisatorische werk middels het tijdschrift Raster in de jaren zestig en zeventig de Nederlandse po e geopend naar werelden waarvoor tot dan toe geen oog was.’ Juryrapport P.C. Hooftprijs