Lezersrecensie
Betoverende, maar bij vlagen taaie roman
Vier jaar nadat Johan Harstad in 2001 zijn literaire debuut maakte met een verzameling korte proza werd zijn eerste roman Buzz Aldrin, waar ben je gebleven? uitgebracht. Hij werd echter vooral bekend door bijzonder lijvige roman Max, Mischa & Tetoffensiven (Max, Mischa & het Tet-offensief, 2017), dat in 2015 verscheen en in 2018 met de Europese Literatuurprijs werd bekroond en waarvan het schrijfproces maar liefst tien jaar heeft geduurd.
Toneelregisseur Max Hansen is vijfendertig jaar oud en woont, sinds hij ruim twintig jaar eerder met zijn ouders en zus Ulrikke vanuit Noorwegen naar de Verenigde Staten is geëmigreerd, in New York. Tijdens een slapeloze nacht in een hotelkamer in Minneapolis, waar hij voor een voorstelling verblijft, denkt hij – soms met weemoed – terug aan zijn leven tot dusver. Aan hoe hij als kind met zijn vriendjes het Tet-offensief naspeelde, aan zijn relatie met de zeven jaar oudere kunstenares Mischa Grey, die hij via zijn vriend Mordecai heeft leren kennen en aan de ontmoeting met zijn oom Owen, met wie hij een goede band heeft opgebouwd.
De verteller van het verhaal is Max Hansen, waarvan de lezer in de eerste paar hoofdstukken de indruk krijgt dat hij een nogal verbitterd en niet al te vrolijk gestemd iemand is. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de toonzetting aan het begin, als hij – moederziel alleen in een hotelkamer – het over zichzelf heeft en de dingen die hij doet. Deze aanvangsfase is een voor het gevoel ellenlange monoloog bestaande uit flinke lappen tekst en geen enkele dialoog. Op dat moment vraag je je werkelijk af waar deze uiteenzetting, die op dat moment echt niet leeft, naartoe gaat, of de teneur ervan nog zal veranderen en of het ruim twaalfhonderd bladzijden lang bij een aaneenschakeling van woorden blijft. Het antwoord is dan kort en krachtig: nee! Want na die relatief korte aanloop verandert een en ander drastisch en wordt alles aanzienlijk levendiger, ondanks dat er nog wel behoorlijk veel breedvoerige fragmenten voorkomen.
Hoewel het in de plot voornamelijk over de lotgevallen van Max gaat en als gevolg daarvan erg veel over hem te weten komt, kom je over de meeste andere personages eveneens bijzonder veel te weten. Ieder van hen, met name Mischa, Mordecai en Owen, is dan ook sterk met de protagonist verbonden en zij vervullen derhalve een belangrijke rol in zijn leven. In feite kan dit ook gezegd worden van de Vietnamoorlog, die als het ware als een rode draad fungeert. Dit gebeurtenis is niet het enige waargebeurde feit dat in de roman is verwerkt, want onder andere de terroristische aanslagen van 11 september 2001 en de zeer zware orkaan Sandy, die in 2012 in het westen van de Caribische zee én aan de oostkust van de Verenigde Staten huishield, worden in beeld gebracht. Tezamen met wat zich in het leven van Max voordoet, zorgt dit ervoor dat het verhaal tamelijk realistisch overkomt.
De schrijfstijl van Harstad is wisselend, de ene keer erg levendig, de andere keer uitvoerig, soms zelfs een beetje op het saaie af en een enkele keer aangrijpend. Tijdens de minder aansprekende tekstgedeelten – vooral wanneer Max een beschouwing geeft over de toneel- of kunstwereld – is het even doorbijten, maar over de hele linie is het allemaal goed te doen en weet de auteur de lezer in zeer hoge mate te boeien. Aan het eind van het exposé, want zo kan dit boekwerk met recht beschouwd worden, wordt het nog enigszins spannend en lijkt Max zich in zijn eigen Apocalyps te bevinden. Hiermee heeft de roman zowaar een ietwat spectaculaire afloop.
Max, Mischa & het Tet-offensief is een boek dat, ondanks een aantal taaie fragmenten, moeilijk weg te leggen is. Max en de zijnen hebben het vermogen de lezer te betoveren en als laatstgenoemde de roman uiteindelijk dichtgeslagen heeft, bekruipt hem de gedachte meer over hen te weten te willen komen. Waarbij je eveneens denkt dat het zo misschien wel goed is.
Toneelregisseur Max Hansen is vijfendertig jaar oud en woont, sinds hij ruim twintig jaar eerder met zijn ouders en zus Ulrikke vanuit Noorwegen naar de Verenigde Staten is geëmigreerd, in New York. Tijdens een slapeloze nacht in een hotelkamer in Minneapolis, waar hij voor een voorstelling verblijft, denkt hij – soms met weemoed – terug aan zijn leven tot dusver. Aan hoe hij als kind met zijn vriendjes het Tet-offensief naspeelde, aan zijn relatie met de zeven jaar oudere kunstenares Mischa Grey, die hij via zijn vriend Mordecai heeft leren kennen en aan de ontmoeting met zijn oom Owen, met wie hij een goede band heeft opgebouwd.
De verteller van het verhaal is Max Hansen, waarvan de lezer in de eerste paar hoofdstukken de indruk krijgt dat hij een nogal verbitterd en niet al te vrolijk gestemd iemand is. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de toonzetting aan het begin, als hij – moederziel alleen in een hotelkamer – het over zichzelf heeft en de dingen die hij doet. Deze aanvangsfase is een voor het gevoel ellenlange monoloog bestaande uit flinke lappen tekst en geen enkele dialoog. Op dat moment vraag je je werkelijk af waar deze uiteenzetting, die op dat moment echt niet leeft, naartoe gaat, of de teneur ervan nog zal veranderen en of het ruim twaalfhonderd bladzijden lang bij een aaneenschakeling van woorden blijft. Het antwoord is dan kort en krachtig: nee! Want na die relatief korte aanloop verandert een en ander drastisch en wordt alles aanzienlijk levendiger, ondanks dat er nog wel behoorlijk veel breedvoerige fragmenten voorkomen.
Hoewel het in de plot voornamelijk over de lotgevallen van Max gaat en als gevolg daarvan erg veel over hem te weten komt, kom je over de meeste andere personages eveneens bijzonder veel te weten. Ieder van hen, met name Mischa, Mordecai en Owen, is dan ook sterk met de protagonist verbonden en zij vervullen derhalve een belangrijke rol in zijn leven. In feite kan dit ook gezegd worden van de Vietnamoorlog, die als het ware als een rode draad fungeert. Dit gebeurtenis is niet het enige waargebeurde feit dat in de roman is verwerkt, want onder andere de terroristische aanslagen van 11 september 2001 en de zeer zware orkaan Sandy, die in 2012 in het westen van de Caribische zee én aan de oostkust van de Verenigde Staten huishield, worden in beeld gebracht. Tezamen met wat zich in het leven van Max voordoet, zorgt dit ervoor dat het verhaal tamelijk realistisch overkomt.
De schrijfstijl van Harstad is wisselend, de ene keer erg levendig, de andere keer uitvoerig, soms zelfs een beetje op het saaie af en een enkele keer aangrijpend. Tijdens de minder aansprekende tekstgedeelten – vooral wanneer Max een beschouwing geeft over de toneel- of kunstwereld – is het even doorbijten, maar over de hele linie is het allemaal goed te doen en weet de auteur de lezer in zeer hoge mate te boeien. Aan het eind van het exposé, want zo kan dit boekwerk met recht beschouwd worden, wordt het nog enigszins spannend en lijkt Max zich in zijn eigen Apocalyps te bevinden. Hiermee heeft de roman zowaar een ietwat spectaculaire afloop.
Max, Mischa & het Tet-offensief is een boek dat, ondanks een aantal taaie fragmenten, moeilijk weg te leggen is. Max en de zijnen hebben het vermogen de lezer te betoveren en als laatstgenoemde de roman uiteindelijk dichtgeslagen heeft, bekruipt hem de gedachte meer over hen te weten te willen komen. Waarbij je eveneens denkt dat het zo misschien wel goed is.
1
Reageer op deze recensie