Lezersrecensie
“Tot aan de dood en verder”
Na een leven van depressies en behandelingen, komt Arno in 2021 uit op een laatste doodlopende weg. In samenspraak met zijn echtgenoot Wilco Harbers (1964) kiest hij zijn eigen einde. Hand in hand - en omringd door dierbaren - leggen ze het laatste stuk af zonder ook maar even van elkaars zijde te wijken. Zelfs na de laatste adem, tot op het moment dat Wilco zijn geliefde voor het laatst moet loslaten. Precies zoals Arno het wenste, en Wilco het later formuleert: “tot aan de dood en verder”. Deze dichtbundel is een poëtisch ‘verslag’ van de eerste maanden van ‘verder’ en van elke dag weer ‘Dansen naar de ochtend’. Het tijdstip waarop zowel het gemis als de liefde die hij voelt steevast het hardst bij Wilco binnenkomen. Om vervolgens aan het einde van de dag uit zijn pen te vloeien. Terwijl hij in bed ligt, geeft Wilco al zijn emoties de ruimte, en daar tekent hij ze in stilte stuk voor stuk op. Zo blijft Arno extra dichtbij en gaan ze - al is het zonder Arno fysiek naast zich - toch samen verder.
Hoewel er vaker allerlei kunst ontstaat naar aanleiding van verlies, is hier de rauwe versheid direct gevangen en letterlijk omgezet in woorden. Bijzonder hoe Wilco ons uitnodigt; niet alleen als passieve getuigen maar om daadwerkelijk met hem mee te gaan, mee te voelen wat hij doormaakt. En hoe de woorden die hij kiest, daar ook in slagen. Ons mee laten dansen op zijn maat. Waar hij gedoemd is de leiding te nemen en ons zo te voeren langs verschillende emoties, fasen en uitersten. Van herinneringen aan samen, hun eerste ontmoeting, hun liefde. Naar het afscheid, het verdriet en de leegte. Van het ene moment niet meer kunnen genieten van schoonheid naar het volgende moment waar je je geliefde herkent in alles om je heen. Van intense eenzaamheid tot troost vinden bij vrienden. En van trieste stilte tot feestvreugde, muziek en een harde lach. Precies zoals een dansvoorstelling een verhaal vertelt en kan bestaan uit verschillende ‘hoofdstukken’ met ieder een eigen tempo en sfeer, dansen we met de gedichten (en vaak ook binnen één gedicht) van trage donkere passen naar lichte, vrolijk gekleurde zwierigheid.
Wilco wijst de weg die hij samen met Arno bewandelde op weg naar het onvermijdelijke einde, aan als inspiratiebron voor zijn gedichten. In een interview met de uitgever vertelt hij hoe het schrijven hem zowel energie kostte als kracht gaf. Dat het rouwproces ondanks de intense zwaarte er ook dragelijker van werd. Op zich is het delen van zo’n persoonlijk proces al enorm bewonderenswaardig. Iedereen had het begrepen als hij er vooral geen toeschouwers bij had gewild. Als hij deze meest intieme dans ooit voor zichzelf had gehouden. Met de publicatie ervan spreekt hij de hoop uit dat anderen herkenning en troost halen uit zijn bundel. En dat maakt de buiging die hij verdient voor dit kwetsbare debuut des te dieper. Door zowel te beginnen als te eindigen met een gedicht van Arno’s hand, legt Wilco zijn eigen gedichten als het ware in een innige omhelzing van zijn geliefde. Een gouden omlijsting die ervoor zorgt dat de bundel nog nét iets dieper raakt.
Zoals Wilco al aankondigt in het voorwoord, laat het dichten - net zoals de dans - hem niet meer los. Inmiddels neemt hij ons via zijn social media en website mee in nieuw werk. Dat ongetwijfeld ? leidt tot een vervolgbundel die hopelijk ook voert over zijn gedroomde ‘heuvels van hernieuwd geluk’ die ik hem zo gun.
Hoewel er vaker allerlei kunst ontstaat naar aanleiding van verlies, is hier de rauwe versheid direct gevangen en letterlijk omgezet in woorden. Bijzonder hoe Wilco ons uitnodigt; niet alleen als passieve getuigen maar om daadwerkelijk met hem mee te gaan, mee te voelen wat hij doormaakt. En hoe de woorden die hij kiest, daar ook in slagen. Ons mee laten dansen op zijn maat. Waar hij gedoemd is de leiding te nemen en ons zo te voeren langs verschillende emoties, fasen en uitersten. Van herinneringen aan samen, hun eerste ontmoeting, hun liefde. Naar het afscheid, het verdriet en de leegte. Van het ene moment niet meer kunnen genieten van schoonheid naar het volgende moment waar je je geliefde herkent in alles om je heen. Van intense eenzaamheid tot troost vinden bij vrienden. En van trieste stilte tot feestvreugde, muziek en een harde lach. Precies zoals een dansvoorstelling een verhaal vertelt en kan bestaan uit verschillende ‘hoofdstukken’ met ieder een eigen tempo en sfeer, dansen we met de gedichten (en vaak ook binnen één gedicht) van trage donkere passen naar lichte, vrolijk gekleurde zwierigheid.
Wilco wijst de weg die hij samen met Arno bewandelde op weg naar het onvermijdelijke einde, aan als inspiratiebron voor zijn gedichten. In een interview met de uitgever vertelt hij hoe het schrijven hem zowel energie kostte als kracht gaf. Dat het rouwproces ondanks de intense zwaarte er ook dragelijker van werd. Op zich is het delen van zo’n persoonlijk proces al enorm bewonderenswaardig. Iedereen had het begrepen als hij er vooral geen toeschouwers bij had gewild. Als hij deze meest intieme dans ooit voor zichzelf had gehouden. Met de publicatie ervan spreekt hij de hoop uit dat anderen herkenning en troost halen uit zijn bundel. En dat maakt de buiging die hij verdient voor dit kwetsbare debuut des te dieper. Door zowel te beginnen als te eindigen met een gedicht van Arno’s hand, legt Wilco zijn eigen gedichten als het ware in een innige omhelzing van zijn geliefde. Een gouden omlijsting die ervoor zorgt dat de bundel nog nét iets dieper raakt.
Zoals Wilco al aankondigt in het voorwoord, laat het dichten - net zoals de dans - hem niet meer los. Inmiddels neemt hij ons via zijn social media en website mee in nieuw werk. Dat ongetwijfeld ? leidt tot een vervolgbundel die hopelijk ook voert over zijn gedroomde ‘heuvels van hernieuwd geluk’ die ik hem zo gun.
2
1
Reageer op deze recensie